ECLI:NL:RVS:2005:AU5367
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- P.A. de Vink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit acceptatie melding verandering inrichting houtverduurzaming wegens onvoldoende beoordeling milieugevolgen
Bij besluit van 16 maart 2004 accepteerde het college van burgemeester en wethouders van Bergeijk een melding van een vergunninghouder voor veranderingen in een houtverduurzamingsinrichting. Appellanten maakten bezwaar tegen deze acceptatie, stellende dat het gebruik van een deel van de werkplaats als showroom tot grotere milieuschade zou leiden en dat de melding onvoldoende gegevens bevatte om de milieueffecten te beoordelen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college niet voldoende had gemotiveerd waarom de melding voldeed aan de vereisten van artikel 8.19, tweede lid, van de Wet milieubeheer. Met name ontbrak het aan informatie over het gebruik van de showroom en de mogelijke milieugevolgen daarvan. Tevens was niet voldaan aan de zorgvuldigheidseisen van artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad van State vernietigde het bestreden besluit en veroordeelde het college tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellanten. Hiermee werd bevestigd dat een melding niet zonder voldoende onderbouwing en beoordeling kan worden geaccepteerd als er mogelijk sprake is van grotere nadelige milieugevolgen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot acceptatie van de melding wordt vernietigd.