ECLI:NL:RVS:2005:AU5829
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Th.G. Drupsteen
- J.C. Rijntjes-Lindhout
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen vergunning lozen afvalwater en inrichting afvalstoffen
Bij besluiten van mei en juli 2005 verleenden het college van dijkgraaf en hoogheemraden van Schieland en de Krimpenerwaard en het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland vergunningen aan een vergunninghoudster voor het lozen van afvalwater en het oprichten en exploiteren van een inrichting voor afvalstoffen aan een locatie in de gemeente Zegwaard. Diverse verzoekers, waaronder bewoners en een belangenvereniging, stelden beroep in en vroegen om voorlopige voorzieningen.
De Voorzitter behandelde de verzoeken op 11 oktober 2005. De verzoekers voerden onder meer aan dat het bedrijf niet passend was binnen het bestemmingsplan, dat het vrachtverkeer tot verkeersonveilige situaties zou leiden, dat het maximale geluidsniveau onacceptabel was, dat de veiligheid onvoldoende was gewaarborgd vanwege brand- en explosiegevaar, en dat de maatregelen tegen stofhinder ontoereikend waren.
De Voorzitter oordeelde dat de beroepen tegen de vergunning voor het lozen van afvalwater waren ingetrokken en dat de overige bezwaren niet betrekking hadden op het milieubelang zoals bedoeld in de Wet milieubeheer. De geluidbeoordeling was volgens de geldende richtlijnen uitgevoerd, inclusief verkeersgeluid en gevelisolatie. De veiligheidsvoorschriften, waaronder een verplicht veiligheidsplan voor de houtshredder, boden voldoende waarborgen. Ook de voorschriften ter voorkoming van stofhinder voldeden aan de Nederlandse emissierichtlijn lucht.
Gelet op deze overwegingen zag de Voorzitter geen aanleiding om voorlopige voorzieningen te treffen en wees de verzoeken af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening tegen de vergunningen worden afgewezen.