ECLI:NL:RVS:2005:AU6209
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- J.R. Schaafsma
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen bestuursdwang bij slachterij wegens lozing afvalwater zonder vergunning
Appellante exploiteerde een slachterij waar bestuursdwang werd toegepast wegens het lozen van afvalwater zonder vergunning. Verweerder, het waterschap De Dommel, stelde het besluit tot bestuursdwang op 15 juli 2004 schriftelijk vast en legde kostenverhaal op. Appellante maakte bezwaar tegen het besluit, dat deels ongegrond werd verklaard. Hiertegen stelde zij beroep in bij de Raad van State.
Tijdens de procedure trok verweerder het besluit van 15 juli 2004 op 3 juni 2005 in. Verweerder nam een apart besluit over de schadevergoeding voor de bestuursdwang, waartegen appellante eveneens bezwaar en beroep instelde. Appellante gaf aan in deze procedure geen andere schade te vorderen dan in dat beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellante geen procesbelang meer had bij een inhoudelijke beoordeling van het ingetrokken besluit. Daarom verklaarde zij het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang na intrekking van het besluit tot bestuursdwang.