ECLI:NL:RVS:2005:AU6229
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- I.A. Molenaar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid vestiging voorkeursrecht Valkenswaard-Zuid
De raad van de gemeente Valkenswaard heeft op 29 januari 2004 percelen in het plangebied Valkenswaard-Zuid aangewezen als gronden waarop het voorkeursrecht van toepassing is, conform artikel 2 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat door de raad op 30 september 2004 ongegrond werd verklaard.
De rechtbank 's-Hertogenbosch verklaarde het daarop ingestelde beroep op 8 september 2005 ongegrond. Appellanten stelden vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State en verzochten tevens om een voorlopige voorziening. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het verzoek en oordeelde dat nader onderzoek niet nodig was en dat onmiddellijke uitspraak in de hoofdzaak mogelijk was.
De voorzitter onderschreef de overwegingen van de rechtbank dat de raad bevoegd was het voorkeursrecht te vestigen en dat eerdere gevestigde voorkeursrechten hieraan niet in de weg stonden. De aangevoerde bezwaren van appellanten betroffen uitvoeringshandelingen en verzoeken die buiten het bestek van het geding vielen. De voorzitter bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 11 november 2005 in het openbaar uitgesproken door de voorzitter, in aanwezigheid van een ambtenaar van Staat.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellanten wordt ongegrond verklaard en het besluit tot vestiging van het voorkeursrecht wordt bevestigd.