ECLI:NL:RVS:2005:AU6689
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- H.G. Lubberdink
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing inschrijving huwelijk wegens schijnhuwelijk in gemeentelijke basisadministratie
Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven weigerde het verzoek van appellant A om zijn huwelijk met appellant B, gesloten in Paramaribo, Suriname, in te schrijven in de gemeentelijke basisadministratie. Dit besluit werd gehandhaafd na bezwaar en beroep bij de rechtbank, waarna appellanten hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het hoger beroep van appellant B niet-ontvankelijk was wegens het niet tijdig indienen van bezwaar en beroep. Voor appellant A werd het hoger beroep inhoudelijk behandeld. De Raad stelde vast dat het college op grond van feiten zoals het aantal eerdere huwelijken van appellant, de korte duur daarvan, het leeftijdsverschil met de huwelijkspartners en het niet volledig vermelden van eerdere huwelijken op het formulier, een redelijk vermoeden kon hebben van een schijnhuwelijk.
Het verweer van appellant dat er sprake zou zijn van een vergissing bij het invullen van het formulier, regelmatig contact en bijdrage aan het levensonderhoud van appellant B en haar kinderen, en het betoog dat hij verzorging behoeft, werd verworpen. Ook het ontbreken van advies van de korpschef werd niet als voordeel voor appellant gezien. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep van appellant A ongegrond, hoger beroep van appellant B niet-ontvankelijk, inschrijving huwelijk geweigerd wegens schijnhuwelijk.