ECLI:NL:RVS:2005:AU8739
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- A.L.M. Steinebach-de Wit
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning voor voetbalkooi op woongebied in Dordrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht verleende op 20 augustus 2004 een bouwvergunning aan de gemeente Dordrecht voor het plaatsen van een voetbalkooi op een perceel met de bestemming 'Woongebied'. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de voorzieningenrechter, die het beroep eveneens ongegrond verklaarde.
Appellant ging in hoger beroep bij de Raad van State. De kern van het geschil betrof de vraag of de voetbalkooi als gebouw of als bouwwerk, geen gebouw zijnde, moest worden aangemerkt. De Raad van State bevestigde dat de voetbalkooi geen dak heeft en daarom niet voldoet aan de definitie van een gebouw volgens de Woningwet, maar wel een bouwwerk is. Tevens werd vastgesteld dat het perceel geen bouwperceel is, zodat de maximale bebouwingsregels uit het bestemmingsplan niet van toepassing zijn.
De Raad van State verwierp het betoog van appellant dat de voorzieningenrechter geen eigen oordeel had gevormd en dat de systematiek van het bestemmingsplan was miskend. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bouwvergunning voor de voetbalkooi blijft gehandhaafd.