ECLI:NL:RVS:2005:AU8763
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- P.C.E. van Wijmen
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning verontreiniging oppervlaktewater bij marinekazerne wegens onvoldoende gegevens
Bij besluit van 27 januari 2005 verleende de Minister van Verkeer en Waterstaat een vergunning aan de staatssecretaris van Defensie voor het lozen van afvalstoffen in het oppervlaktewater bij marinekazerne Erfprins te Den Helder. De vergunning had een duur van drie jaar en betrof projectielen en andere stoffen afkomstig van oefenactiviteiten.
De Stichting de Noordzee stelde beroep in tegen dit besluit omdat de aanvraag onvoldoende gegevens bevatte over de aard, samenstelling en hoeveelheid van de stoffen die werden geloosd. De Raad van State oordeelde dat de aanvraag inderdaad onvolledig was en dat de vergunningverlener daardoor niet in redelijkheid de milieueffecten van de lozing kon beoordelen.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de vergunningverlener ten onrechte had vertrouwd op een beperkte vergunningduur en een onderzoeksverplichting om de ontbrekende gegevens later te verkrijgen. Dit was in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en werd de Minister van Verkeer en Waterstaat verplicht het betaalde griffierecht aan de appellant te vergoeden.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens onvoldoende gegevens in de aanvraag.