ECLI:NL:RVS:2006:AU9782
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- T.M.A. Claessens
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek planschadevergoeding wegens geen planologische verslechtering
Appellante, voormalig huurster van een pand te Apeldoorn waar zij een autobedrijf exploiteerde, vorderde planschadevergoeding wegens omzetverlies door het bestemmingsplan "De Haven Midden" dat de bouw van een appartementencomplex mogelijk maakte en de bereikbaarheid van haar bedrijf zou hebben verslechterd.
De gemeenteraad wees het verzoek af en de rechtbank bevestigde deze afwijzing. De Raad van State overwoog dat de planologische wijziging niet leidde tot een verslechtering, omdat ook onder het oude regime geen planologische bescherming bestond tegen afsluiting van wegen voor doorgaand verkeer. De wegen waren slechts feitelijk aangeduid zonder verkeersbestemming, waardoor ander gebruik mogelijk was.
De Raad stelde vast dat de raad terecht op het advies van de onafhankelijke deskundige SAOZ mocht vertrouwen en dat de bezwaren van appellante voldoende zijn betrokken. De vrijstelling ex artikel 19 WRO Pro voor de bouw van het appartementencomplex betekent niet dat het oude regime bebouwing op de weg verhinderde.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om planschadevergoeding afgewezen.