ECLI:NL:RVS:2006:AU9829
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- J.A.M. van Angeren
- F.P. Zwart
- Rechtspraak.nl
Vaststelling behoud Nederlandse nationaliteit na weigering paspoort
Appellante, geboren in Nederland uit een Nederlandse moeder en Joegoslavische vader, kreeg van de Minister van Buitenlandse Zaken geen Nederlands paspoort omdat zij volgens de Minister haar Nederlandse nationaliteit zou hebben verloren. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar dit oordeel werd in hoger beroep door de Raad van State vernietigd.
De Raad oordeelde dat appellante de Nederlandse nationaliteit bij geboorte had verkregen en deze niet had verloren omdat niet was vastgesteld dat zij vóór 1 januari 1985 de Joegoslavische nationaliteit bezat. Het enkele feit dat zij sinds 1981 in Joegoslavië woonde, was onvoldoende om het verlies van de Nederlandse nationaliteit te rechtvaardigen.
De Raad vernietigde het besluit van de Minister en de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep gegrond. De Minister wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd de Minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten van appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de Minister tot weigering van een Nederlands paspoort wordt vernietigd.