ECLI:NL:RVS:2006:AV0295
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Brink
- J.A.M. van Angeren
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing revisievergunning afvalverbrandingsinrichting Rotterdam-Botlek
Bij besluit van 21 oktober 2004 verleende het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland een revisievergunning aan N.V. Afvalverwerking Rijnmond en andere partijen voor een afvalverwerkingsinrichting te Rotterdam-Botlek. Appellanten, waaronder de Coöperatie Mobilisation for the Environment U.A., stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het beroep op 5 september 2005 en deed uitspraak op 25 januari 2006.
De Afdeling oordeelde dat het beroep niet-ontvankelijk was voor de gronden die betrekking hadden op onvolkomenheden in het milieueffectrapport (MER), fijn stof, provinciaal beleid en geurhinderniveau, omdat deze niet tijdig als bedenkingen waren ingebracht. Voor de overige gronden werd het beroep ongegrond verklaard. De Raad stelde dat de aanvraag voldoende informatie bevatte, dat de niet-technische samenvatting begrijpelijk was, en dat de vergunning in overeenstemming was met het oude milieubeheerrecht en de toepasselijke Europese richtlijnen, waaronder de IPPC-richtlijn en de Afvalverbrandingsrichtlijn.
De Afdeling benadrukte dat de uitbreiding van de inrichting met een nieuwe afvalverbrandingsinstallatie (EHA) als een belangrijke wijziging werd beschouwd waarop de IPPC-richtlijn van toepassing was, maar dat de vergunning slechts voor dit onderdeel aan de richtlijnseisen hoefde te voldoen. De emissiegrenswaarden voldeden aan het Besluit verbranden afvalstoffen en de best beschikbare technieken. Het beroep op overtreding van de Europese richtlijnen werd verworpen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond verklaard.