ECLI:NL:RVS:2006:AV1757
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- J.R. Schaafsma
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning agrarisch bedrijf wegens onaanvaardbare stankhinder
Bij besluit van 10 mei 2005 verleende het college van burgemeester en wethouders van Midden-Drenthe een revisievergunning aan een vergunninghouder voor een agrarisch bedrijf. Diverse appellanten stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het beroep en oordeelde dat het besluit beoordeeld moest worden aan de hand van het recht dat gold vóór 1 december 2005.
Appellanten trokken enkele gronden in, maar voerden aan dat de vergunning onterecht was verleend en dat geluid- en stankvoorschriften niet konden worden nageleefd. De Raad oordeelde dat de geluidvoorschriften wel kunnen worden nageleefd, mede omdat het akoestisch rapport voldoende onderbouwing bood en handhaving mogelijk is bij overtredingen.
Echter, de Raad constateerde dat de vergunning onaanvaardbare stankhinder veroorzaakt omdat de minimale vaste afstand tot woningen niet wordt gehaald en het aantal jongvee is toegenomen ten opzichte van de eerdere vergunning. Hierdoor kan de vergunning niet worden gerechtvaardigd met bestaande rechten. De beroepen werden gegrond verklaard en het besluit vernietigd. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot verlening van de revisievergunning wordt vernietigd wegens onaanvaardbare stankhinder.