Uitspraak
200400297/1, JB 2004/284) heeft overwogen, is toepassing van deze vuistregel in het algemeen niet onredelijk. De afstand tussen de perceelgrens van appellant en het terrein dat is aangewezen voor buitenactiviteiten in combinatie met kleinschalige horeca-activiteiten bedraagt ongeveer 10 meter en wijkt hiermee in niet geringe mate af van de in de vuistregel neergelegde indicatieve afstand van 50 meter. Uit het bestreden besluit blijkt dat verweerder zich op het standpunt stelt dat er sprake is van bijzondere omstandigheden die rechtvaardigen dat kan worden afgeweken van de in de vuistregel neergelegde indicatieve afstand van 50 meter. Verweerder heeft hierbij betrokken dat het aantal gehinderde personen beperkt zal zijn, de verblijfsduur van deze personen kort zal zijn en deze personen niet onder een kwetsbare groep zijn te scharen.