ECLI:NL:RVS:2006:AV1808
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- J.A.W. Huijben
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake last onder dwangsom voor illegale terreinafscheiding
Het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven legde op 24 maart 2003 een last onder dwangsom op aan de wederpartij om een zonder bouwvergunning geplaatste terreinafscheiding te verwijderen of te verlagen tot één meter. Na bezwaar en beroep vernietigde de rechtbank 's-Gravenhage het besluit van het college en gaf het college opdracht een nieuw besluit te nemen.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State tegen de uitspraak van de rechtbank. Hij voerde aan dat de rechtbank ten onrechte het college niet had gevolgd in de stelling dat de vergelijkingen die de wederpartij maakte met andere gevallen niet relevant waren omdat daar geen verzoek om handhaving was ingediend.
De Raad van State oordeelde dat het college een eigen verantwoordelijkheid heeft bij de handhaving en dat het niet relevant is of een verzoek om handhaving is ingediend. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.