Uitspraak
200101969/1, waarnaar ook verweerder verwijst, volgt dat de oppervlakte van een bestaand bouwvergunningvrij bouwwerk, dat ter plaatse ook nadat het betrokken bouwplan is verwezenlijkt als vergunningvrij bouwwerk kan worden opgericht, bij de berekening van de totale oppervlakte aan bijgebouwen - noodzakelijk voor de beantwoording van de vraag of na de bouw van een vergunningplichtig bouwwerk de volgens het bestemmingsplan maximaal toegestane oppervlakte aan bijgebouwen wordt overschreden - niet dient te worden meegeteld. De rechtbank heeft dit miskend.
200408057/1heeft de Afdeling evenwel geoordeeld dat het gebruik van de onderhavige paardenstal voor het stallen van twee paarden in overeenstemming is met deze bestemming. Gebleken is dat het gebruik van de stal sindsdien niet is gewijzigd. De omstandigheid dat op het perceel tevens een paardenbak is aangelegd, maakt dit niet anders, nu in deze procedure enkel de bouwvergunning voor de paardenstal aan de orde is.