ECLI:NL:RVS:2006:AV3866
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- W. van den Brink
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bouwvergunning wegens onvoldoende motivering nadere eisen bouwhoogte
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Amsterdam-Centrum stelde als nadere eis dat de maximale bouwhoogte van een perceel gelijkgesteld moest worden aan de huidige bouwhoogte, waardoor de bouwvergunning voor een vierde bouwlaag werd geweigerd. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van de aanvrager gegrond en vernietigde het besluit op bezwaar.
Het dagelijks bestuur stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het criterium voor het stellen van nadere eisen, namelijk de noodzaak in verband met licht- en luchttoetreding, voldoende objectief is begrensd en dat de rechtbank dit ten onrechte niet had erkend.
Echter bleek het dagelijks bestuur bij de beoordeling van de noodzaak van de nadere eis onjuiste uitgangspunten te hebben gehanteerd, zoals een verkeerde hellingshoek en onvoldoende aandacht voor de aard van de omliggende bebouwing en straatbreedte. Ook het welstandsadvies was niet consistent en leidde tot belemmering van de bouwmogelijkheden.
Daarom vernietigde de Afdeling het besluit van 16 december 2003 en de uitspraak van de rechtbank, en bepaalde dat het dagelijks bestuur een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het besluit van het dagelijks bestuur tot weigering van de bouwvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onjuiste toepassing van nadere eisen.