ECLI:NL:RVS:2006:AV5079
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- L. Groenendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering kapvergunning voor drie bomen nabij Van Starkenborchkanaal
Appellanten hadden een kapvergunning aangevraagd voor drie bomen in een gezamenlijk eigendom nabij het Van Starkenborchkanaal, omdat deze de bezonning en het uitzicht van hun woningen belemmerden. Het college van burgemeester en wethouders van Groningen wees de aanvraag af op basis van een waardering van 60 punten voor de bomen en 37 punten voor overlast, wat volgens het beleid geen directe noodzaak tot kap gaf.
Appellanten stelden dat er wel degelijk sprake was van een dringende reden, omdat de gemeenteraad in het bestemmingsplan 'Van Starkenborch' had aangegeven dat de tweede rij bomen zou worden verwijderd ter verbetering van bezonning en zicht. Het college voerde aan dat haar vaste gedragslijn alleen dringende redenen erkende indien het behoud van de houtopstand onmogelijk was vanwege bouw- of herstructureringsprojecten.
De Raad van State oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom de vermelde gedragslijn niet ook op deze situatie van toepassing was, mede gezien eerdere gevallen waarin vergunningen werden verleend zonder noodzaak tot kap. De rechtbank had ten onrechte het beroep ongegrond verklaard. De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en wees het beroep toe. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van het college Groningen om de kapvergunning te weigeren wordt vernietigd en het beroep van appellanten wordt toegewezen.