ECLI:NL:RVS:2006:AV6234
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- M. Oosting
- T.L.J. Drouen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake handhaving melkveehouderij vergunning
Verzoeker heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Weststellingwerf een verzoek ingediend om bestuurlijke handhavingsmiddelen toe te passen tegen de melkveehouderij van vergunninghouders aan een locatie in Weststellingwerf. Dit verzoek werd op 6 januari 2006 afgewezen. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg vervolgens bij de Raad van State om een voorlopige voorziening.
De kern van het geschil betrof de omvang en situering van de kuilvoeropslag en de aanplant van bomen nabij het perceel van verzoeker. De Raad van State heeft onderzocht of er sprake was van een overtreding van de milieuvergunning van 19 februari 1996. Uit de vergunningstekening en de afstandsvoorschriften bleek dat de kuilvoeropslag op circa 30 meter van de woning van verzoeker lag, terwijl minimaal 25 meter vereist was. Ook de aanplant van bomen op de daarvoor bestemde boomwal was niet in strijd met wettelijke voorschriften.
Daarmee was geen sprake van een overtreding die handhaving rechtvaardigde. De Raad van State concludeerde dat verweerder niet bevoegd was tot het toepassen van bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van handhaving bij de melkveehouderij wordt afgewezen.