ECLI:NL:RVS:2006:AV6258
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- W. van Hardeveld
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen vergunning wijziging varkenshouderij in Boxtel
Bij besluit van 29 november 2005 heeft het college van burgemeester en wethouders van Boxtel een vergunning verleend voor het veranderen van een vlees- en fokvarkenshouderij op een perceel in Boxtel. Verzoekers hebben hiertegen beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 2 maart 2006, waarbij partijen zijn gehoord. Verzoekers trokken het verzoek in voor zover het betrekking had op opslag van brijvoer en stankhinder bij een woning in aanbouw.
De Voorzitter overwoog dat de vergunning alleen geweigerd kan worden in het belang van milieubescherming en dat aan de vergunning voorschriften kunnen worden verbonden ter bescherming van het milieu. Het ontbreken van een akoestisch rapport leidde niet tot het oordeel dat de aanvraag onvoldoende was voor een goede milieubeoordeling. Ook was er geen aanleiding te twijfelen aan de naleving van geluidvoorschriften.
Verzoekers vreesden ammoniakschade aan coniferen door de nabijheid van de stal. De Voorzitter nam het rapport "Stallucht en Planten 1981" als uitgangspunt, waarin een minimale afstand van 50 meter wordt aanbevolen. Hoewel niet aan deze afstand werd voldaan, bleef de ammoniakuitstoot gelijk aan de vorige situatie en was de afstand slechts in geringe mate verminderd. Bij belangenafweging zag de Voorzitter geen reden voor een voorlopige voorziening.
Het verzoek werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de milieuvergunning voor de varkenshouderij wordt afgewezen.