ECLI:NL:RVS:2006:AW2229
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Th.G. Drupsteen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen wijziging concessie Barradeel II steenzoutwinning
De Minister van Economische Zaken verleende op 19 april 2002 een concessie aan Frisia Zout B.V. voor de ontginning van steenzout en aanverwante delfstoffen in de gemeente Franekeradeel. Na bezwaar en een wijzigingsbesluit van 8 juli 2005, waarbij artikel 11 van Pro de concessie werd ingetrokken, stelde de rechtbank Leeuwarden het beroep deels gegrond vanwege een procedurele fout bij de ontvankelijkheid van bezwaren.
Verzoekers, waaronder de Vereniging van dorpsbelangen Dongjum-Boer, gingen in hoger beroep bij de Raad van State en verzochten om een voorlopige voorziening tegen het wijzigingsbesluit. Zij stelden dat het besluit onevenredige nadelige gevolgen zou hebben voor het watersysteem en de landbouw.
De Voorzitter oordeelde dat er geen spoedeisend belang was voor het treffen van een voorlopige voorziening, mede gelet op eerdere onherroepelijke besluiten en het ontbreken van aannemelijk bewijs voor nadelige effecten. Het verzoek werd daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de intrekking van artikel 11 van de concessie Barradeel II is afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.