ECLI:NL:RVS:2006:AW2265
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.E.M. Polak
- E.D. Boer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunning bedrijfswoning Hilvarenbeek
Het college van burgemeester en wethouders van Hilvarenbeek verleende op 11 februari 2003 een bouwvergunning voor een bedrijfswoning onder de voorwaarde dat de bestaande bedrijfswoning binnen een maand na realisatie gesloopt zou zijn. Na bezwaar en beroep werd het besluit ingetrokken en later opnieuw vastgesteld met een vrijstelling op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.
Verzoekers stelden beroep in tegen het besluit van 28 november 2005, waarin het college het bezwaar ongegrond verklaarde en het oorspronkelijke besluit in stand hield. De voorzieningenrechter van de rechtbank Breda verklaarde dit beroep ongegrond. Verzoekers vroegen vervolgens bij de Raad van State om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk, waardoor het verzoek om voorlopige voorziening als ongegrond werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep.