ECLI:NL:RVS:2006:AY0369
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- J.R. Schaafsma
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onvoldoende motivering en nieuw beleid afvalstoffenadministratie
Bij besluit van 30 mei 2005 legde het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland aan SITA Recycling Services B.V. lasten onder dwangsom op vanwege overtredingen van milieuregels omtrent afvalstoffenadministratie. Het bezwaar tegen dit besluit werd op 29 november 2005 ongegrond verklaard, waarna appellante beroep instelde bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college in het bestreden besluit onvoldoende had gemotiveerd waarom de lasten onder dwangsom gehandhaafd werden, terwijl tegelijkertijd nieuw beleid werd aangekondigd dat een bepaald percentage van dezelfde fouten in de afvalstoffenadministratie zou toestaan. Dit beleid was nog niet definitief vastgesteld, maar werd wel als uitgangspunt gehanteerd.
De Raad van State stelde dat het ontbreken van een definitieve vaststelling van het nieuwe beleid geen reden is om de lasten onder dwangsom, die bij iedere overtreding een sanctie oplegden, ongewijzigd te handhaven. Het besluit was daarmee in strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vanwege een gebrekkige motivering.
Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit van 29 november 2005 vernietigd. Tevens werd de provincie Zuid-Holland verplicht het betaalde griffierecht aan appellante te vergoeden. Er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot het opleggen van lasten onder dwangsom wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.