Uitspraak
200206222/1en 19 januari 2005 in zaak no.
200403855/1.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Steenwijkerland verleende vrijstelling en bouwvergunning voor het oprichten van een woning op een perceel in het buitengebied, waarvoor een bestemmingsplan 'Woondoeleinden' gold zonder bebouwingsvlak. Gedeputeerde staten hadden eerder een verklaring van geen bezwaar afgegeven, maar deze was door de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigd voor het plandeel met bebouwingsvlak.
De rechtbank verklaarde het beroep van een belanghebbende gegrond en vernietigde het besluit tot vrijstelling en bouwvergunning omdat het bouwplan in strijd was met het streekplan 'Overijssel 2000+' dat nieuwe niet-functionele bebouwing in de groene ruimte in principe verbiedt, en omdat een goede ruimtelijke onderbouwing ontbrak. Het college en de vergunninghouder stelden dat het bouwplan invulling was van een bestaande bouwmogelijkheid en dat bijzondere omstandigheden toepassing van de provinciale beleidsregels mogelijk maakten, maar deze stellingen werden verworpen.
Verder werd betoogd dat de verklaring van geen bezwaar niet in werking was getreden vanwege een kennisgeving van de inspecteur ruimtelijke ordening, maar de Raad oordeelde dat de verklaring wel degelijk in werking was. Andere beroepsgronden werden niet behandeld omdat het hoger beroep ongegrond werd verklaard. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van de bouwvergunning wegens strijd met het streekplan en het ontbreken van een goede ruimtelijke onderbouwing.