Uitspraak
200409073/1(AB 2006, 20) heeft een erkenninghouder door het vragen om en aanvaarden van erkenning als keuringsinstantie een publieke taak op zich genomen ter bevordering van het algemeen belang van de verkeersveiligheid die hem ook uitsluitend met het oog daarop is toegekend. Voor de uitvoering van die taak is een erkenninghouder de bevoegdheid toegekend om keuringsbesluiten te nemen. Bij het toezicht op de aanwending van die bevoegdheid staat centraal de beoordeling of hij op de voorgeschreven wijze en met correcte toepassing van de aan voertuigen gestelde technische eisen de juiste keuringsbesluiten heeft genomen. Daarom heeft een erkenninghouder met de aanvaarding van voormelde publieke taak een risico genomen van verlies van keuringsbevoegdheid wegens het maken van fouten dat niet tot verwijtbare misslagen is beperkt.
200503148/1, geen uitputtende opsomming van wat een keurmeester concreet moet doen om te voorkomen dat een voertuig wordt onttrokken aan een steekproef. Wel wordt daarin voldoende duidelijk gemaakt dat een keurmeester die tot keuring van een voertuig overgaat terwijl de aanbieder van dat voertuig ter plaatse de uitkomst van de keuring afwacht, een vergroot risico neemt dat de aanbieder ondanks de mededeling dat het voertuig in een steekproef valt toch met het voertuig wil wegrijden en dat dit meebrengt dat in die situatie extra maatregelen moeten worden getroffen om dat te voorkomen.