ECLI:NL:RVS:2006:AY5050
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Schaafsma
- H. Borstlap
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen vergunning voor kappen bomen in hoogwatergeul Lomm
Bij besluit van 11 mei 2005 verleende het college van burgemeester en wethouders van Arcen en Velden een vergunning aan DCM Exploitatie Lomm B.V. voor het kappen van één es, zes zomereiken en één ruwe berk in de hoogwatergeul Lomm. Dit besluit werd op 14 juli 2005 ter inzage gelegd. Stichting Lomm Actief stelde hiertegen beroep in bij de Raad van State op 22 augustus 2005.
Tijdens de zitting op 13 juni 2006 bleek dat alle bomen inmiddels waren geveld, waardoor Stichting Lomm Actief geen procesbelang meer had bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. De stichting gaf ter zitting aan geen rechtens te honoreren belang meer te hebben. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het beroep daarom niet-ontvankelijk was.
De Afdeling stelde vast dat het besluit was genomen op grond van het oude recht, aangezien het voor 30 november 2005 was genomen, en dat het besluit was voorbereid conform artikel 20 van Pro de oude Tracéwet. Gezien het vervallen belang en de inhoud van het beroep, dat zich richtte op de vraag of het besluit voorbarig was, zag de Afdeling geen reden tot een ander oordeel. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van Stichting Lomm Actief is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.