ECLI:NL:RVS:2006:AY5072
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit Woningwet voor bouwwerk in strijd met vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Weesp legde appellante een last onder dwangsom op om een bouwwerk op haar perceel in overeenstemming te brengen met de bouwvergunning van 1992. Appellante had bezwaar gemaakt tegen het handhavingsbesluit, maar dit werd door het college en de rechtbank ongegrond verklaard.
Appellante stelde onder meer dat de last niet duidelijk was omschreven, dat sprake was van een toezegging op grond van het vertrouwensbeginsel om niet te handhaven, en dat de termijn van acht weken te kort was vanwege de bouwvakantie. De Raad van State oordeelde dat de last voldoende duidelijk was, dat er geen concrete toezegging was gedaan die het college zou binden, en dat de termijn niet onredelijk was omdat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij door de bouwvakantie gehinderd werd.
Verder stelde de Raad vast dat het bouwwerk in strijd was met de vergunning en dat geen concreet zicht op legalisering bestond. Het handhavend optreden was daarom gerechtvaardigd. De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.