ECLI:NL:RVS:2006:AY5461
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- K. Brink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake handhaving bodemwerkzaamheden De Vosholen
Verzoeker heeft bij gedeputeerde staten van Groningen een verzoek ingediend om bestuurlijke handhaving toe te passen tegen bodemwerkzaamheden die in strijd zouden zijn met de Wet bodembescherming op deellocatie 12 van het bestemmingsplan "De Vosholen" te Hoogezand. Gedeputeerde staten hebben dit verzoek op 4 juli 2006 afgewezen. Verzoeker betoogt dat er onvolledig onderzoek is gedaan naar de omvang van de verontreiniging, met name een olieverontreiniging, en vreest dat er verontreinigingen in de bodem achterblijven die een ongezonde leefomgeving kunnen veroorzaken.
De Voorzitter heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld op 7 juli 2006, waarbij partijen zijn gehoord. Uit de stukken en het verhandelde blijkt dat de olieverontreiniging een reeds jaren bestaande situatie betreft. Verweerder heeft onderzoek gedaan en vastgesteld dat de omvang van de verontreiniging beperkt is tot de olieverontreiniging en dat deze niet kwalificeert als een geval van ernstige verontreiniging volgens de normen van de Wet bodembescherming en de bijbehorende circulaire.
De Voorzitter overweegt dat onvoldoende is gemotiveerd dat de verontreiniging beperkt blijft tot de olieverontreiniging, mede omdat op de locatie ook andere verontreinigingen zijn aangetroffen die mogelijk samenhangen. Desalniettemin ziet de Voorzitter geen aanleiding om het besluit van verweerder te schorsen, mede omdat er op dat moment geen bodemwerkzaamheden meer plaatsvinden. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het afwijzend besluit inzake handhaving bodemwerkzaamheden wordt afgewezen.