ECLI:NL:RVS:2006:AY5920
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- T.M.A. Claessens
- C.J.M. Schuyt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onvoldoende motivering afwijking vaste gedragslijn bij onderhoud waterhuishouding
Het dagelijks bestuur van het waterschap Zeeuws-Vlaanderen legde appellant een last onder dwangsom op om materieel, tijdelijke werken en personen toe te laten op zijn perceel voor onderhoudswerkzaamheden aan oppervlaktewater. Appellant voerde aan dat het onderhoud onterecht jaarlijks plaatsvond in plaats van tweejaarlijks en dat hij nooit schriftelijk toestemming had gegeven voor onderhoud vanaf zijn perceel.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar de Raad van State oordeelde dat appellant een gedoogplicht heeft ingevolge de Keur Waterschap Zeeuws-Vlaanderen. Echter, het dagelijks bestuur had afgeweken van de vaste gedragslijn die bepaalt dat onderhoud om de twee jaar aan weerszijden van het water wordt uitgevoerd. Deze afwijking was onvoldoende gemotiveerd, vooral omdat de beplantingen en bebouwingen aan de overzijde onrechtmatig waren en het bestuur bevoegd was daartegen op te treden.
De Raad van State vernietigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en gelastte het waterschap een nieuwe beslissing te nemen. Tevens werd het griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het waterschap wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de afwijking van de vaste gedragslijn.