ECLI:NL:RVS:2006:AY7150
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- T.M.A. Claessens
- L. Groenendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging kapvergunning voor rooien beplanting ondanks bezwaar natuurwaarden
Het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek verleende op 23 augustus 2005 een kapvergunning aan de provincie Zuid-Holland voor het rooien van 2950 m² beplanting, waaronder diverse bomen met een aanzienlijke stamdiameter, onder de voorwaarde van herplant van 3080 bomen. Verzoekster, een natuurbeschermingsstichting, maakte bezwaar tegen deze vergunning, met name gericht op het deel van de kapvergunning dat betrekking had op vak 7.
De voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam verklaarde het bezwaar gedeeltelijk gegrond en weigerde de vergunning voor vak 7. Het dagelijks bestuur verklaarde het bezwaar tegen vak 7 vervolgens ongegrond, waarna de voorzieningenrechter het beroep van verzoekster ongegrond verklaarde. Verzoekster stelde hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat nader onderzoek niet nodig was en dat het dagelijks bestuur binnen zijn discretionaire bevoegdheid redelijkerwijs de kapvergunning kon verlenen. De negatieve effecten op milieu, stadsschoon en leefbaarheid zouden door de opgelegde herplantplicht geheel of vrijwel geheel worden gecompenseerd. Ook werd geoordeeld dat het belang van de aanleg van het fietspad, zoals vastgesteld in het provinciale fietsplan, niet ter discussie stond in deze procedure.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en hief de eerder getroffen voorlopige voorziening op. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de kapvergunning en heft de voorlopige voorziening op.