Uitspraak
200507951/1, waarbij is overwogen dat bij de welstandstoetsing aan het advies van de welstandscommissie als regel groot gewicht toekomt, maar het college niet is gebonden aan dat advies. Gelet op artikel 40, eerste lid, van de Woningwet, gelezen in samenhang met artikel 44, eerste lid, onder d, van de Woningwet, is het immers aan het college om te beoordelen of een bouwplan al dan niet in strijd is met redelijke eisen van welstand. De in artikel 48, eerste lid, van de Woningwet opgenomen verplichting om een reguliere bouwvergunning voor advies voor te leggen, staat derhalve niet aan afwijking van dat advies in de weg.