ECLI:NL:RVS:2006:AZ0325
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.M. Boll
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen revisievergunning veehouderij
Bij besluit van 17 juli 2006 verleende het college van burgemeester en wethouders van Putten een revisievergunning aan een vergunninghoudster voor een veehouderij op een perceel te een plaats. Dit besluit werd op 21 juli 2006 ter inzage gelegd. Verzoekers dienden op 29 augustus 2006 beroep in bij de Raad van State en verzochten tevens om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 29 september 2006, waarbij verweerder en vergunninghoudster aanwezig waren, maar verzoekers niet. De Voorzitter oordeelde dat het verzoek een voorlopig karakter heeft en niet bindend is voor de bodemprocedure. Ondanks de stelling van verweerder dat het beroep niet-ontvankelijk is voor zover het het Besluit luchtkwaliteit 2005 betreft, werd dit niet definitief beoordeeld in deze voorlopige voorziening.
De Voorzitter achtte het spoedeisend belang aanwezig omdat de uitbreiding deels binnen bestaande dierenverblijven plaatsvindt. Echter, gezien dat aan de wettelijke minimale afstanden voor stankemissie wordt voldaan en de bedenkingen van verzoekers zich vooral richten op stank, zag de Voorzitter geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek werd daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de revisievergunning voor de veehouderij is afgewezen.