ECLI:NL:RVS:2006:AZ0809
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- B. Klein Nulent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen bouwvergunning na bezwaarprocedure
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Oud-West verleende op 9 augustus 2005 een bouwvergunning voor het veranderen en vergroten van een gebouw te Amsterdam. Na bezwaar van meerdere partijen werd de vergunning op 27 december 2005 gewijzigd en opnieuw verleend op basis van gewijzigde bouwtekeningen.
Appellant stelde dat hij tijdig bezwaar had gemaakt tegen de gewijzigde vergunning en dat zijn beroep daarom ontvankelijk moest worden verklaard. De voorzieningenrechter had echter geoordeeld dat appellant geen bezwaar had gemaakt tegen het primaire besluit van 9 augustus 2005, waardoor het beroep niet-ontvankelijk was.
De Raad van State oordeelde dat het bezwaar van appellant tegen het gewijzigde besluit geen bezwaar tegen het primaire besluit vormde. De wijziging was niet zodanig ingrijpend dat sprake was van een nieuw bouwplan waarvoor een nieuwe aanvraag vereist was. Ook het beroep namens meerdere partijen was niet rechtsgeldig ingediend.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep bevestigd.