ECLI:NL:RVS:2006:AZ1268
Raad van State
- Hoger beroep
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bouwvergunning damwand wegens niet-ontvankelijkheid bezwaar belanghebbende
Het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek verleende aan appellant sub 2 een bouwvergunning voor het plaatsen en gedeeltelijk vernieuwen van een damwand aan de sloot Molenvaart op een perceel te [plaats]. Wederpartij maakte bezwaar tegen deze vergunningen, maar het dagelijks bestuur verklaarde dit bezwaar ongegrond. De rechtbank Rotterdam oordeelde echter dat het bezwaar gegrond was en vernietigde de besluiten.
Het dagelijks bestuur en appellant sub 2 stelden in hoger beroep dat wederpartij geen belanghebbende was en daarom niet ontvankelijk in zijn bezwaar kon worden verklaard. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat wederpartij geen direct, persoonlijk belang had bij het besluit, mede omdat zijn woning op 200 meter afstand lag, hij geen zicht had op het perceel en niet afhankelijk was van de watergang waarlangs de damwand liep.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het bezwaar van wederpartij niet-ontvankelijk. Tevens werden de eerdere besluiten op bezwaar vernietigd voor zover wederpartij ontvankelijk was geacht. Het dagelijks bestuur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van appellant sub 2. De uitspraak trad in de plaats van de vernietigde besluiten.
Uitkomst: Het bezwaar van wederpartij wordt niet-ontvankelijk verklaard en de eerdere besluiten worden vernietigd.