ECLI:NL:RVS:2006:AZ2240
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestemmingsplan MOB-complex De Ronde Venen
De gemeenteraad van De Ronde Venen stelde op 27 oktober 2005 het bestemmingsplan 'MOB-complex' vast, gericht op de herontwikkeling van een voormalig mobilisatiecomplex tot bedrijventerrein. Verzoeker maakte bezwaar tegen de goedkeuring van dit plan, met name tegen de watercompensatie van 6% verharding in plaats van de provinciale norm van 10%, en stelde dat de gevolgen voor de waterhuishouding onvoldoende waren onderzocht.
Verzoeker betoogde dat het plan in strijd was met het Streekplan 2005-2015, het Waterhuishoudingsplan 2005-2010 en het beleid van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht. Tevens stelde hij dat de economische uitvoerbaarheid van het plan twijfelachtig was. Verweerder stelde dat de watercompensatie in overeenstemming was met het streekplan, mede omdat de waterbeheerder positief had geadviseerd, en dat de uitvoering was gewaarborgd via een exploitatieovereenkomst.
De Voorzitter overwoog dat hoewel de norm van 10% watercompensatie als uitgangspunt geldt, onderbouwde afwijking mogelijk is. Het tekort van 6% werd gecompenseerd in het nabijgelegen bestemmingsplan 'Werkeiland' en omgeving, hetgeen ook door verzoeker werd erkend. De bezwaren van verzoeker hadden vooral betrekking op het andere bestemmingsplan 'Werkeiland'. Gezien deze omstandigheden en de belangenafweging zag de Voorzitter geen aanleiding voor een voorlopige voorziening en wees het verzoek af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 6 november 2006 door de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan MOB-complex wordt afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang.