ECLI:NL:RVS:2006:AZ3750
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning ondanks bezwaren over eigendomsrecht en bouwvoorschriften
Het college van burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel verleende bouwvergunningen voor uitbreiding van een woning en garage op een perceel. Appellant maakte bezwaar tegen de vergunningen, stellende dat de bouw inbreuk maakt op zijn eigendomsrecht en niet voldoet aan bepaalde bouwregels, zoals afstand tot erfgrens en dakopbouwhoogte.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Deze oordeelde dat de vermeende inbreuk op het eigendomsrecht geen grond is voor weigering van een bouwvergunning volgens artikel 44 van Pro de Woningwet, omdat dit een privaatrechtelijk geschil betreft.
Verder stelde de Raad van State vast dat de door appellant genoemde bouwregels niet van toepassing zijn of niet in de regelgeving zijn opgenomen. Ook was op de bouwtekening een mastiekschroot aan de gootconstructie voorzien, waardoor dat bezwaar faalt.
De Raad van State concludeerde dat het college terecht de bouwvergunning heeft verleend, omdat geen van de in artikel 44 Woningwet Pro genoemde weigeringsgronden zich voordeed. Eventuele afwijkingen van de vergunning kunnen worden behandeld in een handhavingsprocedure. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de bouwvergunning is bevestigd.