ECLI:NL:RVS:2006:AZ4283
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.E.M. Polak
- J. Willems
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake vrijstelling bouw schuur agrarisch bedrijf
Het college van burgemeester en wethouders van Wognum verleende op 24 augustus 2005 vrijstelling en op 20 september 2005 bouwvergunning voor het oprichten van een schuur op een perceel bestemd voor agrarische doeleinden. De voorzieningenrechter schortte deze besluiten op 17 februari 2006 bij voorlopige voorziening. Na bezwaar verklaarde het college het bezwaar ongegrond, maar de voorzieningenrechter vernietigde dit besluit op 2 oktober 2006 en bepaalde dat de voorlopige voorziening zes weken na verzending van een nieuw besluit vervalt.
Verzoeker vroeg de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om de schorsing van de besluiten op te heffen. De Voorzitter overwoog dat de vraag over de juiste uitleg van de planvoorschriften beter in de bodemprocedure kan worden beantwoord. De planvoorschriften beperken de oppervlakte van bedrijfsgebouwen tot 250 m² met een mogelijke vrijstelling tot 500 m², maar op het perceel staat reeds een kas van ongeveer 1000 m² buiten het bebouwingsvlak.
De Voorzitter stelde dat het discretionaire karakter van de vrijstellingsbevoegdheid blijft bestaan en dat het college mogelijk onvoldoende rekening heeft gehouden met de planwetgever's uitgangspunten. Ook is niet aannemelijk dat verzoeker zodanig afhankelijk is van het agrarisch bedrijf dat de bodemprocedure niet kan worden afgewacht. Gezien de belangen en mogelijke onomkeerbare gevolgen is er geen aanleiding voor een voorlopige voorziening. Het verzoek wordt dan ook afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van de schorsing van de bouwbesluiten wordt afgewezen wegens belangenafweging en onzekerheid over de planvoorschriften.