ECLI:NL:RVS:2006:AZ5167
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. Brink
- M.J. van der Zijpp
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen vergunning voor tuincentrum met consumentenvuurwerk
Bij besluit van 23 mei 2006 verleende het college van burgemeester en wethouders van Maasbree aan een vergunninghouder een vergunning voor het oprichten en exploiteren van een tuincentrum met opslag en verkoop van consumentenvuurwerk aan een locatie te een plaats. Dit besluit werd op 8 juni 2006 ter inzage gelegd. Appellant stelde op 18 juli 2006 beroep in tegen dit besluit bij de Raad van State.
Tijdens de procedure bleek dat appellant geen bedenkingen had ingebracht tegen het ontwerpbesluit gedurende de terinzagelegging. Hoewel appellant een brief aan de gemeente had gestuurd, verwees deze niet naar het ontwerpbesluit zelf. Volgens artikel 20.6 van de Wet milieubeheer (oud) kan beroep alleen worden ingesteld door degenen die bedenkingen hebben ingebracht of die redelijkerwijs niet kunnen worden verweten deze niet te hebben ingebracht.
De Raad van State oordeelde dat appellant redelijkerwijs wel kan worden verweten geen bedenkingen te hebben ingebracht en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het vonnis werd uitgesproken op 27 december 2006.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de vergunning voor het tuincentrum met consumentenvuurwerk is niet-ontvankelijk verklaard.