ECLI:NL:RVS:2006:AZ5979
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling primair besluit bij buitenbehandelingstelling aanvraag verblijfsvergunning
De zaak betreft een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, die aanvankelijk buiten behandeling werd gesteld wegens het niet betalen van leges. Na gegrondverklaring van het bezwaar tegen deze buitenbehandelingstelling en betaling van de leges, werd de aanvraag alsnog in behandeling genomen. De minister wees de aanvraag bij besluit van 25 juni 2004 af omdat niet werd voldaan aan de criteria voor verlening onder de beperking 'wedertoelating'.
De rechtbank had geoordeeld dat het besluit van 25 juni 2004 geen primair besluit was, maar onderdeel van de beslissing op bezwaar van 6 mei 2004. De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dit onjuist vast en benadrukt dat het besluit van 25 juni 2004 als primair besluit moet worden aangemerkt. De minister heeft vervolgens terecht bij besluit van 4 november 2005 op het bezwaar tegen het besluit van 25 juni 2004 beslist.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de minister gegrond. Het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 4 november 2005 wordt ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 4 november 2005 wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.