ECLI:NL:RVS:2007:AZ7957

Raad van State

Datum uitspraak
1 februari 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200607283/2
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • P.J.J. van Buuren
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening schorsing goedkeuring bestemmingsplan Trade Port Noord en park Zaarderheiken

De gemeenteraad van Venlo stelde op 25 januari 2006 het bestemmingsplan 'Bedrijventerrein Trade Port Noord en park Zaarderheiken' vast. Het college van gedeputeerde staten van Limburg keurde dit plan op 19 september 2006 goed. Verzoekster stelde beroep in tegen deze goedkeuring en verzocht om een voorlopige voorziening.

De Voorzitter behandelde het verzoek op 23 januari 2007 waarbij partijen werden gehoord. Verzoekster betoogde dat het plan in strijd is met het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL), met name over de ecologische verbindingszone en de grens stedelijke dynamiek. Verweerder stelde dat de grens een indicatieve aanduiding is en dat de regeling op perceelsniveau in gemeentelijke plannen plaatsvindt.

De Voorzitter constateerde dat delen van het plan, waaronder natuurcompensatie en bedrijfsdoeleinden, buiten de grens stedelijke dynamiek liggen, hetgeen twijfel oproept over de verenigbaarheid met het POL-beleid. Ook bestaat twijfel over het toekennen van bedrijfsdoeleinden aan gronden die als ecologische verbindingszone zijn aangeduid. Gezien de complexiteit achtte de Voorzitter nader onderzoek noodzakelijk en schorst daarom de goedkeuring van de betwiste plandelen bij wijze van voorlopige voorziening.

Er werden geen proceskosten toegekend, maar het betaalde griffierecht werd aan verzoekster vergoed. De uitspraak werd gedaan op 1 februari 2007.

Uitkomst: De Voorzitter schorst de goedkeuring van bepaalde plandelen van het bestemmingsplan Trade Port Noord en park Zaarderheiken bij wijze van voorlopige voorziening.

Uitspraak

200607283/2.
Datum uitspraak: 1 februari 2007
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:
[verzoekster], gevestigd te [plaats],
en
het college van gedeputeerde staten van Limburg,
verweerder.
1.    Procesverloop
Bij besluit van 25 januari 2006 heeft de gemeenteraad van Venlo het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Trade Port Noord en park Zaarderheiken" vastgesteld.
Bij besluit van 19 september 2006, no. 2006/41339 heeft verweerder beslist over de goedkeuring van dit plan.
Tegen dit besluit heeft onder meer verzoekster bij brief van 13 november 2006, bij de Raad van State ingekomen op 16 november 2006, beroep ingesteld.
Bij dezelfde brief als waarmee beroep is ingesteld heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 23 januari 2007, waar verzoekster, vertegenwoordigd door [gemachtigde], en verweerder, vertegenwoordigd door mr. L.H.M. Vorstermans, ambtenaar van de provincie, zijn verschenen. Voorts is de gemeenteraad van Venlo, vertegenwoordigd door mr. M.R.V. Buurman en R.B.M. Janzen, ambtenaren van de gemeente, daar gehoord.
2.    Overwegingen
2.1.    Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2.    Verzoekster kan zich niet verenigen met het bestreden besluit voor zover verweerder daarbij goedkeuring heeft verleend aan het plan. Zij stelt onder meer dat het plan in strijd is met het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (hierna: het POL). Volgens verzoekster dient de in het plan opgenomen ecologische verbindingszone binnen de zogeheten grens stedelijke dynamiek te worden verwezenlijkt.
2.3.    Verweerder heeft het plan, voor zover hier van belang, niet in strijd met een goede ruimtelijke ordening geacht en het plan in zoverre goedgekeurd. Volgens hem betreft de grens stedelijke dynamiek een indicatieve aanduiding in het POL en dient deze grens op perceelsniveau in gemeentelijke bestemmingsplannen te worden geregeld.
2.4.    Het plan voorziet in het juridisch-planologische kader voor de ontwikkeling van het grootschalige bedrijventerrein Trade Port Noord en het park Zaarderheiken, alsmede een ecologische verbindingszone, ten noordwesten van de stad Venlo.
2.5.    De Voorzitter overweegt dat niet alleen de plandelen die voorzien in natuurcompensatie buiten de grens stedelijke dynamiek liggen. Ook een aantal plandelen met de bestemming "Bedrijfsdoeleinden" overschrijdt deze grens. De Voorzitter heeft ernstige twijfel of deze overschrijding verenigbaar is met het in het POL beschreven beleid voor de grens stedelijke dynamiek. Voorts wordt betwijfeld of het uit het oogpunt van het POL-beleid voor ecologische verbindingszones toelaatbaar is een bedrijfsdoeleindenbestemming toe te kennen aan gronden die op de streekplankaarten zijn aangemerkt als ecologische verbindingszone. Volgens het POL is op deze gronden een planologische basisbescherming van toepassing. Voorts bestaat twijfel ten aanzien van de vraag of de in het streekplan binnen de grens stedelijke dynamiek voorziene ecologische verbindingszone buiten deze contour mag worden verwezenlijkt, zoals in het plan is voorzien. Gelet op de stukken en het verhandelde ter zitting, acht de Voorzitter nader onderzoek noodzakelijk naar de door verzoekster opgeworpen vragen met betrekking tot het streekplan, voor welk onderzoek deze procedure zich niet leent. Het is ongewenst dat zich vooruitlopend op de behandeling in de bodemprocedure onomkeerbare ontwikkelingen kunnen voordoen. Gelet op de aard van de te beoordelen vragen, ziet de Voorzitter aanleiding het bestreden besluit, voor zover daarbij goedkeuring is verleend aan de plandelen die op de bij deze uitspraak behorende kaarten zijn aangeduid, bij wijze van voorlopige voorziening te schorsen.
2.6.    Van proceskosten die voor vergoeding in aanmerking komen is niet gebleken.
3.    Beslissing
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I.    schorst bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van het college van gedeputeerde staten van Limburg van 19 september 2006, kenmerk no. 2006/41339, voor zover het de plandelen betreft die op de bij deze uitspraak behorende kaarten 1 en 2 zijn aangeduid;
II.    gelast dat de provincie Limburg aan verzoekster het door haar voor de behandeling van het verzoek betaalde griffierecht ten bedrage van € 281,00 (zegge: tweehonderdeenentachtig euro) vergoedt.
Aldus vastgesteld door mr. P.J.J. van Buuren, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. H.A. Bultema, ambtenaar van Staat.
w.g. Van Buuren            w.g. Bultema
Voorzitter            ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 1 februari 2007
400
plankaart 1
plankaart 2