ECLI:NL:RVS:2007:AZ9541
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- W.D.M. van Diepenbeek
- S.J.E. Horstink-von Meyenfeldt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning voor uitbreiding hoofdgebouw ondanks bezwaar appellanten
Het college van burgemeester en wethouders van Vught verleende op 19 oktober 2004 een bouwvergunning voor de uitbreiding van een woning, inclusief het vernieuwen en plaatsen van dakkapellen op een perceel te Vught. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college en later door de rechtbank 's-Hertogenbosch ongegrond werd verklaard. Appellanten stelden dat het bouwplan als een bijgebouw moest worden aangemerkt in plaats van een uitbreiding van het hoofdgebouw.
De Raad van State oordeelde dat het bouwplan bouwkundig een eenheid vormt met de woning en niet ondergeschikt is, waardoor het als uitbreiding van het hoofdgebouw moet worden beschouwd. De rechtbank had dit oordeel terecht gegeven. Daarnaast werd vastgesteld dat appellanten procesbelang hadden omdat zij aannemelijk hadden gemaakt schade te hebben geleden door de vergunning, maar dit leidde niet tot een andere beoordeling van de vergunning.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding op grond van artikel 8:73 van Pro de Algemene wet bestuursrecht werd afgewezen. De Raad van State bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank zonder aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak dat de bouwvergunning terecht is verleend en wijst het verzoek om schadevergoeding af.