Uitspraak
200504534/1 en 200504534/2, geheel vernietigd.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Losser stelde op 4 januari 2005 het wijzigingsplan 'Buitengebied, wijzigingsplan Kremersveenweg' vast, dat voorziet in de vestiging van een gemengd agrarisch bedrijf met intensieve veehouderij en akkerbouw. Dit plan werd door de gedeputeerde staten van Overijssel goedgekeurd, maar dit besluit werd aangevochten door meerdere appellanten.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat appellanten [appellanten sub 2] niet-ontvankelijk waren wegens gebrek aan rechtstreeks belang. De overige appellanten voerden onder meer aan dat het plan in strijd was met het reconstructieplan en het streekplan, dat het landschap onevenredig zou worden aangetast en dat de motivering van het besluit onvoldoende was.
De Afdeling stelde vast dat het reconstructieplan ten tijde van het besluit vernietigd was, waardoor het streekplan als toetsingskader diende. Hoewel nieuwvestiging van landbouwbedrijven in het streekplan niet is uitgesloten, concludeerde de Afdeling dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd dat het belang van het landschap niet onevenredig werd geschaad. Het groenplan voor landschappelijke inpassing kon niet publiekrechtelijk worden afgedwongen en de milieuvergunning bevatte geen eisen voor behoud van openheid.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot goedkeuring van het wijzigingsplan Kremersveenweg is vernietigd wegens onvoldoende motivering en strijd met de goede ruimtelijke ordening.