ECLI:NL:RVS:2007:BA2208
Raad van State
- Hoger beroep
- P.A. Offers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning voor verbreding brug over Stompwijksevaart
Het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg weigerde op 19 februari 2004 een bouwvergunning voor het verbreden van een brug over de Stompwijksevaart nabij een woning. Appellant maakte bezwaar, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant eerst gegrond en vernietigde het besluit, maar bij een tweede procedure verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan "Landelijk gebied 2001" omdat de bestemming "Boezemwater" geen brug toestaat. Daarnaast is het gebruik van het achterliggende perceel voor transportdoeleinden in strijd met de bestemming "Agrarisch bedrijfscentrum, categorie III". Het college kon daarom terecht de gevraagde vrijstelling weigeren. Verwijzing naar een toekomstig bestemmingsplan bood geen soelaas omdat toetsing plaatsvindt aan het geldende plan op het moment van het besluit.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning bevestigd.