ECLI:NL:RVS:2007:BA2728
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- T.M.A. Claessens
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens onrechtmatige mondelinge uitspraak zonder zitting in vreemdelingenzaak
De vreemdeling was in vreemdelingenbewaring gesteld en had tegen de voortzetting daarvan beroep ingesteld. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep gegrond en hief de maatregel op. Na een nieuwe bewaring stelde de vreemdeling opnieuw beroep in. De rechtbank deed vervolgens zonder zitting mondeling uitspraak, terwijl de minister niet om toestemming was gevraagd en deze ook niet was verleend.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de rechtbank hiermee handelde in strijd met artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat vereist dat partijen toestemming geven voor het achterwege laten van het onderzoek ter zitting. Het beroep van de vreemdeling dat de rechtbank het beroep kennelijk ongegrond had kunnen verklaren, werd verworpen omdat de rechtbank daarvan geen gebruik had gemaakt en dit ook niet mogelijk was op grond van de Vreemdelingenwet 2000.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verwees de zaak terug voor nieuwe behandeling met inachtneming van de juiste procedure. Tevens stelde zij de proceskosten in hoger beroep vast en bepaalde dat de rechtbank over de vergoeding daarvan beslist.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling met inachtneming van de juiste procedure.