ECLI:NL:RVS:2007:BA3777
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bouwvergunning zwembad wegens strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Zeist verleende op 17 maart 2005 een bouwvergunning voor het aanleggen van een zwembad op een perceel te Zeist. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde dat het besluit in strijd was met het bestemmingsplan en dat de procedure niet zorgvuldig was verlopen.
De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het college vrij was in de samenstelling van de adviescommissie en dat de toetsing van de bouwaanvraag aan de hand van de gebruikte tekeningen voldoende zorgvuldig was.
Echter, de Afdeling stelde vast dat het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan, omdat voor de aanleg van het zwembad een specifieke binnenplanse vrijstelling vereist is die niet was verleend. De Afdeling vernietigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en beval het college een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant en het betaalde griffierecht. De Afdeling benadrukte dat het college bij de nieuwe beslissing moet beoordelen of de vrijstelling al dan niet onder voorwaarden kan worden gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot bouwvergunning voor het zwembad wordt vernietigd wegens strijd met het bestemmingsplan.