Uitspraak
200605323/1, volgt uit de bewoordingen van het bepaalde in artikel 6.2, eerste en tweede lid, van de WHW, in onderlinge samenhang bezien, dat eerst nadat de NVAO een nieuwe opleiding heeft getoetst en geaccrediteerd sprake is van voorlegging van een voornemen, als bedoeld in artikel 6.2 van de WHW. De in artikel 6.2, derde lid, van de WHW bedoelde termijn van vier maanden vangt pas aan na ontvangst van het voornemen, derhalve nadat ook het accreditatiebesluit door de staatssecretaris is ontvangen. Artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht is hier niet van toepassing.