ECLI:NL:RVS:2007:BA4742
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B. van Wagtendonk
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid COA bij verzoek om voortzetting opvang asielzoekers
Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wees een verzoek van een vreemdeling om voortzetting van verstrekkingen af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarbij het COA werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen.
Het COA stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State overwoog dat de rechtbank terecht had vastgesteld dat het COA bevoegd is om verzoeken om opvang te beoordelen, mede gelet op eerdere jurisprudentie die de bevoegdheid van het COA bevestigt.
Hoewel het COA klaagde over een vermeende innerlijke tegenstrijdigheid in het oordeel van de rechtbank en over de motiveringsplicht omtrent bijzondere omstandigheden, oordeelde de Raad van State dat deze klachten niet tot vernietiging van het vonnis konden leiden. Het hoger beroep werd daarom kennelijk ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Het COA werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van het COA wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.