Uitspraak
200303419/1, heeft overwogen, kan de bevoegdheid tot het verlenen van vrijstelling met toepassing van artikel 19, derde lid, van de WRO in samenhang gelezen met artikel 20, eerste lid, aanhef en onder e, van het Bro niet worden aangewend voor het verlenen van een bouwvergunning voor het oprichten van bebouwing waarvan het gebruik in strijd is met het bestemmingsplan. Artikel 20, eerste lid, aanhef en onder e, van het Bro heeft uitsluitend betrekking op wijzigingen in het gebruik van bestaande opstallen. Daarvan is hier geen sprake. Het college heeft voor het bouwplan ten onrechte vrijstelling verleend met toepassing van artikel 19, derde lid, van de WRO. De rechtbank heeft dit niet onderkend.