ECLI:NL:RVS:2007:BA5994
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.A.A. van Roessel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid bouwvergunning en vrijstelling voor carport ondanks geschil over perceelsgrens
Het college van burgemeester en wethouders van Heusden verleende op 24 oktober 2003 een bouwvergunning en vrijstelling voor het bouwen van een carport op een perceel. Na bezwaar van appellanten werd het besluit herroepen en geweigerd, maar de rechtbank verklaarde het beroep van de vergunninghouder gegrond en vernietigde het besluit. Het college nam een aangepast besluit met voorwaarden, waarna appellanten beroep instelden tegen de uitspraak van de rechtbank die hun bezwaar ongegrond verklaarde.
Appellanten stelden dat de bouwtekeningen onjuist waren en dat de carport de erfgrens met circa 3,5 cm overschreed, wat een civielrechtelijke belemmering zou vormen. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat een civielrechtelijke belemmering alleen relevant is voor de bestuursrechter als deze evident is, en dat de burgerlijke rechter primair bevoegd is voor eigendomsrechtelijke geschillen.
Uit de bouwtekeningen en kadastrale gegevens bleek dat de fundering en muur van de carport binnen het perceel van de vergunninghouder lagen en dat de erfgrens niet werd overschreden. De Afdeling concludeerde dat het college de belangenafweging zorgvuldig had gemaakt en dat de vrijstelling terecht was verleend. De klacht dat er in afwijking van de bouwtekeningen zou zijn gebouwd, kan alleen via handhaving worden aangepakt.
Het hoger beroep van appellanten werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellanten is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.