ECLI:NL:RVS:2007:BA6989
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over voortzetting vreemdelingenbewaring wegens overschrijding geschilgrenzen
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage die de voortzetting van vreemdelingenbewaring onrechtmatig achtte vanwege mogelijke schending van het EVRM. De rechtbank had ambtshalve een toetsing verricht aan verdragsbepalingen zonder dat de vreemdeling dit als beroepsgrond had aangevoerd, waardoor zij buiten de grenzen van het geschil trad.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank niet bevoegd was om ambtshalve deze beoordeling te maken, omdat het niet ging om een toetsing aan een voorschrift van openbare orde. Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Verder is vastgesteld dat de staatssecretaris voldoende voortvarend heeft gehandeld bij het verkrijgen van reisdocumenten en het presenteren van de vreemdeling aan de autoriteiten van het land van herkomst. Er is geen grond voor schadevergoeding en proceskostenveroordeling. De zaak benadrukt de grenzen van rechterlijke toetsing in vreemdelingenbewaring en het belang van het volgen van correcte beroepsgronden.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het beroep van de vreemdeling tegen de inbewaringstelling wordt ongegrond verklaard.