ECLI:NL:RVS:2007:BA7070

Raad van State

Datum uitspraak
8 juni 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200703288/2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
  • M.M. van der Smissen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening tegen verplichting tot nieuw besluit op bezwaar in huisvestingsverordening

Op 21 december 2005 stelde de gemeente Skarsterlân definitief de lijst met overgangsgevallen van de Huisvestingsverordening 2005 vast. Een belanghebbende maakte bezwaar tegen een besluit van de gemeente, dat door de gemeente niet-ontvankelijk werd verklaard. De rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat de gemeente een nieuw besluit op het bezwaar moest nemen.

De gemeente stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening. De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het verzoek op 5 juni 2007, waarbij de gemeente vertegenwoordigd was en de wederpartij niet verscheen.

De Voorzitter oordeelde dat geen spoedeisend belang bestond om de uitspraak van de rechtbank op korte termijn uit te voeren en besloot dat de gemeente geen nieuw besluit op bezwaar hoeft te nemen totdat het hoger beroep is beslist. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Deze voorlopige voorziening heeft een voorlopig karakter en is niet bindend voor de bodemprocedure.

Uitkomst: De gemeente Skarsterlân hoeft geen nieuw besluit op bezwaar te nemen totdat het hoger beroep is beslist.

Uitspraak

200703288/2.
Datum uitspraak: 8 juni 2007
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:
de raad van de gemeente Skarsterlân,
verzoeker,
tegen de uitspraak in zaak no. AWB 06/2634 van de rechtbank Leeuwarden van 5 april 2007 in het geding tussen:
[wederpartij], wonend te [woonplaats]
en
verzoeker.
1.    Procesverloop
Op 21 december 2005 heeft verzoeker, voor zover thans van belang, de lijst met overgangsgevallen van de Huisvestingsverordening Skasterlân 2005 definitief vastgesteld.
Bij besluit van 26 september 2006 heeft verzoeker het door [wederpartij] daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.
Bij uitspraak van 5 april 2007, verzonden op 6 april 2007, heeft de rechtbank Leeuwarden (hierna: de rechtbank) het door [wederpartij] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit op bezwaar vernietigd en bepaald dat verzoeker met inachtneming van deze uitspraak een nieuw besluit moet nemen op het bezwaarschrift.
Tegen deze uitspraak heeft verzoeker bij brief van 8 mei 2007, bij de Raad van State ingekomen op 10 mei 2007, hoger beroep ingesteld. Bij brief van 8 mei 2007, bij de Raad van State ingekomen op 10 mei 2007, heeft verzoeker de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter heeft de zaak ter zitting behandeld op 5 juni 2007, waar verzoeker, vertegenwoordigd door A.C. Teuben-Bokma, werkzaam bij de gemeente, is verschenen. [wederpartij] is niet verschenen.
2.    Overwegingen
2.1.    Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2.    Het verzoek heeft geen verdere strekking dan dat bij wijze van voorlopige voorziening wordt bepaald dat verzoeker in afwachting van de uitspraak op het ingestelde hoger beroep geen gevolg hoeft te geven aan de in hoger beroep bestreden uitspraak, voor zover deze inhoudt de verplichting voor verzoeker om een nieuw besluit op het bezwaar te nemen. Niet is gebleken van belangen die nopen tot het spoedig gevolg geven aan de aangevallen uitspraak. De Voorzitter ziet hierin aanleiding de hierna te melden voorlopige voorziening te treffen.
2.3.    Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3.    Beslissing
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
treft de voorlopige voorziening dat de raad van de gemeente Skarsterlân geen nieuw besluit op het bezwaar van [wederpartij] hoeft te nemen voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.
Aldus vastgesteld door mr. C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.M. van der Smissen, ambtenaar van Staat.
w.g. Ligtelijn-van Bilderbeek              w.g. Van der Smissen
Voorzitter                                 ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 8 juni 2007
419