ECLI:NL:RVS:2007:BA7785
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- M.G.J. Parkins de Vin
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van medische stukken en vrees voor vervolging in asielprocedure Yeziden Armenië
Appellanten, waaronder minderjarige kinderen, hadden asielaanvragen ingediend die door de minister zijn afgewezen. De rechtbank verklaarde hun beroepen ongegrond. In hoger beroep klaagden appellanten onder meer over de behandeling van medische stukken die pas laat werden ingebracht en over de beoordeling van hun vrees voor vervolging vanwege discriminatie en mishandeling door een persoon genaamd [naam].
De Raad van State overwoog dat de medische stukken over de gezondheid van appellante sub 2, die lijdt aan epilepsie en PTSS, te laat waren ingebracht en dat appellanten redelijkerwijs op de hoogte hadden moeten zijn van deze medische toestand. De rechtbank mocht deze gronden buiten beschouwing laten wegens strijd met de goede procesorde. Daarnaast oordeelde de Raad dat de minister terecht had geoordeeld dat essentiële voorzieningen aanwezig waren en dat er geen aannemelijk risico op vervolging bestond.
Verder werd geoordeeld dat de rechtbank terecht volstond met verwijzing naar het ambtsbericht en dat de aanvullende rapporten geen aanleiding gaven tot twijfel aan de juistheid van het ambtsbericht. De klachten over het niet betrekken van problemen bij het vinden van rechtsbescherming werden eveneens verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.